Foto van Jean Henkens

Jean Henkens

Bioloog en groene architect bij Center Parcs

Ik ben Jean Henkens en al 25 jaar de bevlogen bioloog en landschapsarchitect van Center Parcs. Meer ...

Groene oevers en waterplanten

16 / 09 / 2011 

Hoofdafbeelding voor Groene oevers en waterplanten
  • Locatie

Er zijn weinig plekken waar de strijd om een plantenplekje zo hevig is als aan de waterkanten van beekjes, vennen en meren. Het is voor heel veel plantensoorten de ideale groeiplaats. Aan water is er zelden gebrek, en het water brengt voedingsstoffen mee, die je als plant bijna tot aan je gulzige wortels aangeboden krijgt. Heel vaak is de oever van een meer ook de lichtste plek in het bos. Het is dus echt de meest gewilde plek in het theater van het plantenleven. De strijd om zulke plekken is dan ook hard en venijnig. Veel plantjes maken grote bladeren, waar ze anderen mee verstikken. En er zijn er ook die met hun slingerende stengels alles wat ze vastgrijpen letterlijk wurgen ten voordele van een plaatsje voor zichzelf. Het is een ongekend gevecht. Geen enkele plant kan zich enige vorm van rust permitteren. Even met je plantenkop er niet bij en je bent geschiedenis. 

 
Het ziet er van op een afstand allemaal zo vredig uit, maar rietstengels snijden met hun messcherpe bladeren en een zuchtje wind alle jonge plantenscheuten genadeloos de kop af. Distels waaieren met hun stekelige bladeren alle concurrenten weg. En toch is de oever de rijkste plek, want er zijn plaatsen waar niet elke plant zomaar komen kan. Op steile oevers kunnen enkel de sporen van varens zich voldoende hechten in de wand.Sommige soorten als de watermunt en bijenkorfjes, ereprijs,koninginnekruid, smeerwortel en gele iris groeien zo snel, dat ze zich door weinig andere soorten laten remmen.
 
Er zijn heel wat plantensoorten, die met hun voeten een heel eind onder water staan. En daar kunnen andere planten weer niet tegen. Die plaatsen zijn voor de lisdodde, de zwane- en de dotterbloem, voor het waterdrieblad en het pijlkruid. Maar dit zijn planten die een beetje aan pootje baden of eigenlijk 'wortel baden' doen. Je hebt ook echte durvers, die tot aan hun nek in de plassen groeien. De waterlelie en de plomp zijn zo van die helden. Zij hebben geen echte concurrenten en dus zijn de diepe plekken voor hen.
 
Maar er zijn ook ware duikers, planten die nooit - of toch slechts zelden - met hun bladeren boven de waterspiegel uitkomen. Het hoornblad, het vederkruid, de waterviolier en de krabbescheer zijn hiervan de meest bekende. Ze zijn de meest groene planten die ik ken met zo een intense groene kleur, dat ze soms wel reflecterend lijken.
 
Je hebt zelfs enkele soorten die zich gewoon op het wateroppervlak nestelen, zonder enige houvast. Ze overgroeien de hele vijver en kunnen een echte plaag worden. Het beste voorbeeld is de kroos.
Aan soorten en kleuren, groeivormen en hoogtes geen gebrek. Als je bedenkt dat op heel wat soorten insecten en dieren leven, die voor elke plantensoort uniek kunnen zijn, dan snap je hoe rijk die waterzomen zijn. En deze rijkdom start heel vroeg in de lente met het grote hoefblad en gaat door tot in hartje winter, waar het eindigt met het dorre ruisende riet, wachtend op de eerste lentezon.
 
Geniet van die rijkdom en ga op pad. Er is nog zo veel wat je misschien nooit hebt gezien.
 
Tot gauw,
 
Jean.  

Commentaren

Nieuwe reactie inzenden
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.